Deel 2

Analyse van het kunstwerk

imgres-2Bizet werd geboren in een gezin waar de vader een kapper/pruikenmaker was, die een succesvolle carrière als zanger realiseerde en waar de moeder een pianiste was.  Het is dan ook geen wonder dat de kleine Bizet een muzikaal wonderkind was.  Hoewel hij door de artistieke wereld waarin hij opgroeide, slechts minimaal werd beïnvloed door de industriële revolutie die door West-Europa raasde, blijft hij toch een kind van de periode waarin hij opgroeide.  In het katholieke Frankrijk in de tweede helft van de 19-de eeuw, blijft de vrouw ondergeschikt aan haar man. (Pols, 1965)

Door de industriële revolutie in West-Europa, waarbij de man in het maatschappijbeeld bedreigd werd door de meewerkende vrouw, ontstond de drang naar een soort ontsnapping uit die werkelijkheid.  Als men, het van oudsher bestaande, beeld van allesoverheersende man en onderdanige, slaafse vrouw wilde behouden, dan moest men een uitweg vinden door die beknotte vrouw in een andere rol te positioneren. (Yi-Fu, 2002)

Als ‘femme fatale’ ondermijnt ze iedere sociale en morele waarde van die tijd.  Door haar seksuele aantrekkingskracht, gespijsd met de nodige doodsdrang, als restwaarde van haar intrigerende zinnelijkheid uit te spelen, bijt ze zich vast in het zwakke vlees van die man om die te ondermijnen.  Met onweerstaanbare charmes speelt ze alle troeven uit om de man in de zondigheid te lokken en te overladen met schuldgevoelens.

Ook Carmen, het zigeunermeisje, werkzaam in de beeldbepalende sigarenfabriek van Sevilla, wordt in de opera van Bizet in de rol van ‘femme fatale’ geduwd.  Door haar mysterieuze geflirt is ze een uitzondering tussen de andere arbeidster van de fabriek die onophoudelijk de soldaten het hof maken teneinde te kunnen ontsnappen uit hun eentonige leven.  Maar tevens is ze de ontegensprekelijke tegenpool van de kuise Micaëla, zijn dorpsgenote die voorbestemd is om zijn echtgenote te worden en een bestaan te gaan leiden, zoals de generaties voor hen. (s.n., 2004)

Don José, de mannelijke hoofdrolspeler, wordt constant heen en weer geslingerd tussen de flirtende Carmen en de Carmen die ongeïnteresseerd wegkijkt van de uitgedaagde.  De mannelijke held kan zich alleen redden door uit die versmachtende omhelzing te ontsnappen.  Zo niet, dan blijft er van zijn vroegere mannelijkheid alleen een leeg omhulsel over.

Hoewel de opera Carmen voor het eerst opgevoerd werd als een opdracht voor het Opéra-Comique-theater, wijzigt de componist het onvermijdelijke ‘happy-end’ in een dramatisch hoogtepunt, de totale verbijstering.  Hier illustreert Bizet zijn escapade uit het Franse realisme.  Het werk zal de start gaan zijn voor het verisme die haar hoogtijd bereikte in de jaren na zijn dood.  Het pessimistische einde is in fel contrast met de voorheen geldende normen van de opera.  Hij neemt ook afscheid van de oneindige melodie die kenmerkend was voor de periode.  Het belangrijkste kenmerk wordt de voorkeur voor “schoonheid” en door het afwijzen van geveinsde, overdadige diepgang.  (D.J.Grout, 2006)

Tchajkowski zegt later over het werk “Deze muziek maakt geen aanspraken op diepzinnigheid, maar is zo charmant, zo krachtig, ongekunsteld en eerlijk, dat ik haar helemaal van begin tot einde uit het hoofd heb geleerd”.

Er kan besloten worden dat in het verhaal  “Carmen” heel wat gevlucht werd van de realiteit. Dit is escapisme, vluchten. Het wordt teruggevonden in alle kunsttalen. Van architectuur tot schilderkunst. Nog steeds is escapisme terug te vinden in onze eigen tijd, ook buiten de kunst.

Bibliografie

d.J.Grout, C. P. (2006). Geschiedenis van de westerse muziek. Olympus.

Pols, A. M. (1965). Het leven van G. Bizet. In A. M. Pols, Het leven van G. Bizet. Brussel: Reinaert.

s.n. (2004). Carmen: opera in vier bedrijven. In Carmen: opera in vier bedrijven. Antwerpen: Vlaamse opera.

Yi-Fu, T. (2002). Escapisme. Archis , pp. 44-48.

Advertenties

Tussen droom en daad: Parlementsgebouw Londen

Parlementsgebouw Londen (1839-1852)

In dit onderzoek wordt het parlementsgebouw van Londen geanalyseerd en beschreven. Hierin draait alles rond het onderwerp van dit Big Idea: “tussen droom en daad”. Het gaat over escapisme in de kunst. Het idee dat hierachter schuilt is dat men ervan uitgaat dat in de realiteit niet alles mogelijk is, maar het is wel mogelijk in dromen. Er wordt gevlucht van de werkelijkheid, men vlucht in de kunst.

Deel 1: beschrijving

Het parlementsgebouw is één van de bekendste gebouwen in Londen. Elk jaar trekken er duizenden toeristen naar de hoofdstad van het Verenigd Koninkrijk om het te bezichtigen.De Engelse naam van het parlement is Palace of Westminster. Het wordt ook vaak Houses of Parliament genoemd.

Situering:

Het gebouw staat aan de oever van de rivier de Theems. Dit is de langste rivier van Engeland. De Theems loopt onder andere ook door Londen. En in de wijk Westminster aan het water situeert zich het Houses of Parliament. (Londenbezoeken, 2014)

Geschiedenis

Het parlementsgebouw heeft al vele eeuwen doorstaan. Maar er is in de loop der tijd heel wat aan veranderd. De oudste delen dateren uit het jaar 1097. (Londenbezoeken, 2014) Het gebouw was een paleis waarin de koning Eduard de Belijder huisde. In de 13de eeuw bleef het gebouw helaas niet gespaard van vuur. In 1512 werd het voor de eerste keer door een brand verwoest. De toenmalige koning Hendrick Vlll verplaatste zich naar Whitehall. (Murphy, 2008)

In 1834 sloeg het noodlot weer toe. Het hele gebouw brandde uit. Slecht 3 ruimtes bleven gespaard: Westminster Hall, de kloostergang en de Jewel Tower (hier waren historische documenten in opgeslagen). (Murphy, 2008) Voor de zoveelste keer moest men het gebouw weer heropbouwen. Het is in een Gotische stijl ontworpen door de architect Charles Barry. Hij werd hierbij geholpen door Augustin Pugin. Ongeveer twintig jaar later was de wederopbouw af. Tijdens de wereldoorlogen is het gebouw nog eens beschadigd geraakt, maar nadien is het weer in zijn oorspronkelijke staat hersteld. (Londenbezoeken, 2014)

Het gebouw:

Het parlementsgebouw is een immens gebouw. Het bestaat uit verschillende gebouwen:

De big Ben (Elizabeth Tower), Westminster Hall, Hoger- en Lagerhuis en de Victoria Tower.

  1. De Elizabeth Tower is de bekendste toren van de drie die het gebouw telt. De meeste mensen kennen hem als de Big Ban. Maar dit is echter niet de toren, maar de klok die zich in de klokkentoren bevindt. De toren is 96 meter hoog.
  2. Westminster Hall is het oudste gedeelte van het gebouw. Dit is gespaard gebleven van de vele verwoestingen die het gebouw heeft meegemaakt doorheen de tijd.
  3. Hoger- en Lagerhuis bevinden zich in het midden van het hele complex.
  4. De Victoria Tower is de hoogste toren van het parlementsgebouw. Hij is maar liefst 98,5 meter hoog. Deze wordt dan ook wel de “Kings Tower” genoemd.(Londenbezoeken, 2014)

Architecten:

Na de brand in 1834 werd het Houses of Parliament heropgebouwd door twee architecten. Charles Barry en Augustus Pugin.

Charles Barry is de hoofdarchitect. Hij is geboren in 1765 vlakbij het gebouw dat later zijn grote meesterwerk zou worden; Het Palace of Westminster. Barry stierf in het jaar 1860. Hij werkte meestal in de Gotische stijl. Na de brand in 1834 werd er aan Charles Barry gevraagd een nieuw ontwerp te maken van het parlementsgebouw. Hij stelde hier Augustin Pugin voor om hem hierbij te helpen. Barry bewonderende hem enorm om zijn decoraties in Gotische stijl. Pugin had oog voor detail. In 1840 startte Charles Barry aan zijn meesterwerk, maar hij heeft er veel langer over gedaan dan gepland. In 1865 was het Britse parlementsgebouw eindelijk klaar. (parliament, 2017)

Augustin Pugin, geboren in 1812 en gestorven in 1852, werkte met Barry samen aan het Palace of Westminster. Pugin had een voorliefde voor Gotiek. Voor hem waren de christelijke bouwkunst en de gotische bouwkunst evenwaardig. Barry hield zich bezig met het algemeen schema van het parlementsgebouw, terwijl Pugin aandacht had voor de details (friezen, bekroningen, …) van het gebouw. (Lynton, 1991)

Genre:

Het parlementsgebouw te Westminster werd na de brand heropgebouwd in de Gotische stijl. Men noemt dit de neo-gotische stijl. In de 19de eeuw was men op zoek naar nieuwe bouwstijlen en het was een reactie tegen de strakke vormen van het neo-classicisme. Men kreeg opnieuw bewondering voor de bouwstijl uit de middeleeuwen. Zo ontstond de nieuwe (= neo) gotische stijl. De Rooms-Katholieke kerk was hierover zeer enthousiast omdat het de samenleving herinnerde aan de tijd voor de reformatie. Heel veel kerken werden dan ook in de neo-gotische stijl opgetrokken. (staat in groningen, 2017)

De perpendicular style is een typische stijl in Engeland die onderdeel uitmaakte van de gotiek. Het parlementsgebouw van Londen behoort hiertoe. Bij deze stijl ligt de nadruk eerder op de eenvoud van vormen en de breedte. (Knipping, 1967)

DNA-aspecten in verwerken

De basisvorm van het Londense parlementsgebouw is rechthoekig. Behalve de centrale cirkelvormige ruimte in het midden, de lobby, zijn de kamers erom heen geometrisch. Het gebouw is vooral uitgestrekt in de breedte en niet in de hoogte. De architecten hebben zich hiervoor gebaseerd op de perpendiculaire stijl. Het is een natuurlijke bouwstijl. (Könemann, 2011)

De architectuur baseert men op een vroegere stijl: de gotiek. Maar men maakt gebruik van moderne materialen. De textuur is ook anders naargelang het materiaal. Men werkt met kleine stevige bakstenen, dat is een vrij ruwe textuur. Het gietijzer is bijvoorbeeld veel gladder. Als men kijkt naar het gebouw, ziet men fijne details: gietijzeren spitsen, spitsbogen, pinakels. Dit is vooral te danken aan Pugin die oog had voor detail. Het parlement is hoofdzakelijk gebouwd in de breedte, dus horizontaal. Enkel de torens steken hoog boven de rest uit. Op de plattegrond ziet men dat het gebouw een rechthoekig grondplan heeft. Het parlementsgebouw heeft vele ramen, maar deze zijn niet zo groot. De lichtinval is dus beperkt. Wel geven ze een mooi zicht op de Theems. (Graphics, s.d)(Campbell) De kleur van het gebouw is afkomstig van het materiaal waaruit het is opgetrokken.

Deel 2: analyse van het kunstwerk

In dit onderzoek wordt het parlementsgebouw van Londen geanalyseerd. Hierin draait alles rond het onderwerp van dit Big Idea: “tussen droom en daad”. Het gaat over escapisme in de kunst. Het idee dat hierachter schuilt is dat men ervan uitgaat dat in de realiteit niet alles mogelijk is, maar het is wel mogelijk in dromen. Er wordt gevlucht van de werkelijkheid, men vlucht in de kunst.

In de kunst kan escapisme voorkomen om verschillende redenen. De kunstenaar kan zitten met een persoonlijk conflict, lijden, pijn, verlies. De kunstenaar uit zijn gevoelens in zijn kunstwerk. Het kan ook zijn dat hij wil vluchten van de realiteit. Bijvoorbeeld omdat er oorlog is of politieke en economische spanningen. Men wil weg van de hedendaagse spanningen en dit doet men door het verleden te bestuderen. Escapisme komt dus in allerlei vormen voor. Er kunnen thema’s uit de vaderlandse geschiedenis terug te vinden zijn in kunstwerken, of een schreeuw naar vrijheid, revolutie.

In het parlementsgebouw van Londen kan men ook escapisme terugvinden. De architecten Barry en Pugin hadden er voor gekozen om het gebouw opnieuw op te bouwen in een neo-gotische stijl.  Daarmee verwijst men naar de gotische architectuur van de 12de -16de eeuw. Vooral Pugin heeft heimwee naar deze tijd, naar hoe de maatschappij leefde. Met dit meesterwerk, het parlementsgebouw van Londen, blaast hij deze tijd nieuw leven in. Hij wou de maatschappij weer overtuigen om te leven als vroeger. In 1835 trad Pugin toe tot de rooms-katholieke kerk en dit heeft hem sterk beïnvloed. Hij wou de christelijke wereld weer bekeren, want na de reformatie was het er niet beter op geworden. Men wou in het gebouw de strengheid van het christelijke geloof weergeven. Dat de mensen zich weer moesten gedragen zoals vroeger. Voor Pugin was dit werk dus zowel een vlucht als een schreeuw naar verandering. Men ging terug naar de stijl van vroeger. (Lynton, 1991)

Pugin kon zich ook niet vinden in de nieuwe architectuur die aan het optreden was. Door de revolutie rezen er heel wat fabrieken en arbeidshuizen uit de grond. Door het parlementsgebouw in een geheel andere architectuur op te bouwen, zorgde dit voor een groot contrast. Hij wou Londen behouden in zijn pracht zoals het vroeger altijd geweest was. (Palmgren, 2005)

Ikzelf vind het een zeer mooie vorm van escapisme. Men wil de mensen eraan herinneren hoe men vroeger leefde en wat de waarden en normen waren uit die tijd. Zo staat men ook even stil hoe het er nu aan toe gaat. We zijn allemaal ontstaan door de geschiedenis en dit mogen we niet vergeten. Pugin herinnert de mensen hieraan door geen protest te voeren, maar door een prachtig en imposant parlementsgebouw in het midden van de grote stad te plaatsen. Het maakt de stad niet enkel mooier, maar het neemt ons ook terug in de tijd. Door dit gebouw te bezichtigen ervaar je letterlijk een vlucht uit de realiteit. Pugin laat de mensen dat op een prachtige manier ervaren. Met dit gebouw geeft de architect zijn eigen gevoelens weer.

Bibliografie

aicha1968. (2016). gotische bouwkunst – een originele stijl. Opgehaald van tallsay: https://tallsay.com/page/4294986768/gotische-bouwkunst-een-originele-stijl

Campbell, J. W. (sd). baksteen. In J. W. Campbell, baksteen. Brittannië: lannoo.

Graphics, A. (s.d). Architectural Graphics. Opgehaald van SlidePlayer: http://slideplayer.nl/slide/3684500/

groningen, s. i. (2017). Neogotiek. Opgehaald van staat in groningen: http://www.staatingroningen.nl/bouwstijl/12/neogotiek

groningen, s. i. (s.d.). neogotiek. Opgehaald van staat in groningen: http://www.staatingroningen.nl/bouwstijl/12/neogotiek

Könemann, L. (2011). kunst. In L. Könemann, Kunst (M. van der Nagel, M. Philipse, & N. van der Zwan, Vert., p. 211). Düsseldorf: Parragon.

Knipping, D. J. (1967). kunstschatten van alle tijden. In D. J. Knipping, Kunstschatten van alle tijden (pp. 233-234). Amsterdam: de geïllustreerde pers N.V. Amsterdam.

Londenbezoeken. (2014, mei 2). Palace of Westminster. Opgehaald van Londen bezoeken: http://londenbezoeken.nl/palace-of-westminster/

Lynton, N. (1991). De moderne wereld. In N. Lynton, de moderne wereld (M. D. Hommes, Vert., pp. 37-38). Houten: Gaade Uitgevers.

Murphy, P. (2008). Essential Spiral Londen. In P. Murphy, & J. Verschoor (Red.), Londen (K. v. Grieken, Vert., pp. 40-41). Antwerpen, Antwerpen, België: Losmos uitgevers.

Palmgren, J. H. (2005). Beyond Arthurian Romances. In J. H. Palmgren, Beyond Arthurian Romances (p. 252). Londen: Springer.

parliament. (2017). History of the Parliamentary estate. Opgehaald van parliament: http://www.parliament.uk/about/living-heritage/building/palace/estatehistory/reformation-1834/destruction-by-fire/

 

 

 

Deel 1

 Opera “Carmen” door Georges Bizet

imgres-1
opera “Carmen”

Het kunstwerk die hieronder wordt besproken is een opera genaamd “Carmen”. Het werk is wereldberoemd en een van de populairste opera’s tot nu toe. De beschrijving zal gaan volgens het aangeleerde vakjargon ‘DNA van PK’.

Volgens het DNA van PK zal  de compositie binnen muziek worden besproken, de partituur en de stemsoorten. Naast dit zullen personages, tijd en ritme ook worden besproken.

Georges Bizet was een Franse componist uit de romantiek die geboren is in 1838 in Parijs. Beide ouders waren bezig met muziek, hij volgde dus al snel met zijn muziekpassie. Bizet kreeg les in het Conservatorium in Parijs. (Cooper, s.d.).

Bizet was componist, hij schreef dan ook de opera waar verder over zal geschreven worden namelijk “Carmen”. Dit is een werkelijk meesterwerk maar werd niet gewaardeerd tijdens zijn leven. Het was te vernieuwend. (Pols, 1965) (McClary, 2004-2005)

Het eerste dat hier besproken wordt is de compositie binnen muziek, de componist Georges Bizet heeft verschillende muziekstukken als Habanera en Les Toreadors in het operastuk “Carmen” gestoken. “Carmen” is een opera gebaseerd op het libretto, dit is de oorspronkelijke tekst waar de opera op gebaseerd is, van Henri Meilhac en Ludovic Halvey. De laatste twee genoemden hebben zicht voor hun tekst laten inspireren door een novelle van de franse schrijver Prosper Mérimée (s.n., Bizet: Carmen, s.d.) Carmen is een vierdelige opera, dit betekent vier aktes (s.n., Carmen: opera in vier bedrijven, 2004) na iedere akte wordt vaak een pauze ingelast, dit om het decor te kunnen wijzigen. (Cantoni & Schwarm,s.d.)

Bij deze aktes horen verschillen muziekstukken, in het begin van de opera word het lied ‘Habanera of L’amour est un oiseau rebelle’ gezongen. Dit met de stemsoort van een mezzosopraan. Een mezzosopraan is een middelhoge vrouwelijke zangstem met een bereik van een a tot a”. Vaak spelen mezzosopranen bijrollen, dit was bij Bizets werk “Carmen” echter een uitzondering.

Er bestaan verschillende personages in alle verhalen, deze personages worden opgedeeld bij protagonisten, antagonisten en tritagonisten. De protagonisten in deze opera zijn Carmen en Don-José, de hoofdpersonages. Carmen is een Spaanse zigeunerin. Het andere hoofdpersonage is Don-José die het leger ingaat. De verbeelde ruimte is Sevilla, Carmen toont daar het rauwe leven van een zigeunerin die haar vrijheid boven alles stelt. Ze probeert de sigarenfabriek te ontvluchten door een relatie aan te gaan met een legerofficier. Wanneer deze legerofficier verliefd wordt op haat, probeert Carmen van te relatie te vluchten. In het operastuk zoekt Carmen steeds opnieuw een vluchtweg uit het leven die ze op dat moment leidt. (Cantoni & Schwarm, s.d.)

De opera speelt zicht af in begin 19de eeuw, dit is de afgebeelde tijd. Dit kan gezien worden aan de context waar het stuk zicht afspeelt, de kleding die gedragen wordt en de omgeving.

imgres-3
Georges Bizet

In het operastuk geschreven door Georges Bizet (afbeelding 2)  domineert één stem vaak, de andere stemmen zijn ondergeschikt. Dit wordt Homofonie genoemd. Het is de bovenstem die domineert, in dit stuk gaat het vaak om de stem van protagonisten Carmen of Don José.

Het laatste deel dat wordt besproken is het ritme en het tempo. Het laatste deel dat wordt besproken is het ritme en het tempo. De Habanera – “L’amour est un oiseau rebelle” – is, als bekendste fragment, uit deze opera een Cubaanse dans. De rol van Micaëla is één van de meest melodramatische uitbeeldingen van de toenmalige visie over het rollenpatroon van de vrouw uit de operageschiedenis. Het is verrassend hoe Bizet het contrast van de partituurgeluiden van Carmen t.o.v. de zedige Micaëla’s klankwereld kan in de menselijke verbeelding halen. (s.n., Bizet: Carmen, s.d.)

Bibliografie

Cantoni, L., & Schwarm, B. (s.d.). Carmen. Opgeroepen op 05 20, 2017, van Opera by Bizet: https://www.britannica.com/topic/Carmen-opera-by-Bizet

Cooper, M. D. (s.d.). Georges Bizet. Opgeroepen op 5 17, 2017, van britannica: https://www.britannica.com/biography/Georges-Bizet

McClary, S. (2004-2005). De muziektalen van Carmen. https://williamlittlesociology.wordpress.com/2012/02/17/nietzsche-carmen/ .

Pols, A. M. (1965). Het leven van G. Bizet. In A. M. Pols, Het leven van G. Bizet. Brussel: Reinaert.

s.n. (s.d.). Bizet: Carmen. Opgeroepen op 18 05, 2017, van http://www.quadrevisie.nl/jandekruijff/vergelijkende-discografieen/b/bizet-carmen.html

s.n. (2004). Carmen: opera in vier bedrijven. In Carmen: opera in vier bedrijven. Antwerpen: Vlaamse opera.

Big Idea: Tussen Droom en Daad – J.M.W. Turner

Big Idea: Tussen droom en daad

In dit big idea wordt het begrip ‘escapisme’ uit de Romantische kunst nader bekeken. Er is immers een groot verschil tussen dromen over zaken en ze ook daadwerkelijk waarmaken. We zullen het in dit big idea dus hebben over hoe kunstenaars dromen over het vluchten van de realiteit en hoe ze dit ook trachten waar te maken.

Opdracht deel 1: beschrijving van het kunstwerk

In dit deel zal een beschrijving van het kunstwerk ‘Het Slavenschip’ van William Turner gemaakt worden volgens de beeldaspecten van ‘DNA PK’. Eerst worden het onderwerp en de context van het werk beschreven. Nadien zal ingegaan worden op de beeldaspecten van het werk en de techniek de gebruikt werd om het schilderij te vervaardigen.

Turner

Turner W., Het slavenschip, 1840, Olieverf op doek

Onderwerp en context

William Turner (1775 – 1851) was een Londense romantische kunstschilder die vooral natuurlandschapen en marines schilderde.  Op dit werk van Turner, ‘Het Slavenschip’ is het eerste wat opvalt de mooie zonsondergang. De zonsondergang bestaat uit warme kleuren zoals oranje, rood, geel oker. Deze kleuren bevinden zich eerder in het midden van het werk. In de onderste helft van het werk worden eerder tinten bruin en beige gebruikt. Op het eerste zich lijkt er niet enorm veel aan de hand in dit werk. Wanneer er echter beter gekeken wordt is er in de rechter onder hoek  een geketend been te zien dat dreigt verslonden te worden door grote, bijna monsterachtig uitziende vissen. Dit geketende been verwijst naar de slaven. Wat verder nog opvalt zijn de plotse blauwe, koele tinten links op het werk. In die blauwe tinten is ook het slavenschip geschilderd in een rood bruine kleur. Het slavenschip dreigt op het werk verzwolgen te worden door een woeste zee.

De volledige naam van dit werk is eigenlijk, ‘Het slavenschip, slavenhandelaars gooien de doden en stervenden overboord – een tyfoon zet op’ en verwijst naar een gebeurtenis in 1781 waarbij de kapitein van het slavenschip ‘Zong’ het bevel gaf om 133 slaven overboord te gooien. Op die manier zou hij via de verzekering geld innen voor mensen die omkomen op zee. (Museum of Fine Arts Boston, 2017)

Het werk draagt de kenmerken van de Romantische kunstperiode omdat de grootsheid van de natuur en de dood duidelijk aanwezig zijn. Deze grootsheid van de natuur weerspiegeld zich in het overweldigende van de golven, de storm en de zonsondergang. Turner had veel meer aandacht voor het natuurlijke aspect van zijn schilderij dan voor het verhaal en de personages die hij weergaf. De personages waren als het ware inferieur in zijn schilderij. (The Metropolitan Museum Of Art, 2017)

Beeldaspecten

Compositie

Turners schilderij heeft een asymmetrische compositie. Deze zorgt voor meer dynamiek en dramatiek in het werk. Deze dynamiek en dramatiek worden ook nog eens verstrekt door het kleurgebruik, wat hieronder besproken wordt.

Kleur

In het werk zitten heel wat verschillende kleuren. Zoals hierboven al aangegeven vallen de felle rode/oranje/gele kleurtinten van de zonsondergang het meeste op in het werk. Deze kleuren lijken op het eerste zich gezellig maar symboliseren eigenlijk het bloed dat vergoten wordt onder de slaven. De onderste helft van het werk is in iets neutralere bruine en beige tinten weergegeven. De warme kleuren van de zonsondergang en de neutrale kleuren van de onderste helft van het werk staan in fel contrast met de koele kleuren links op het werk. Hier zijn allerlei tinten blauw, grijs tot zelfs paars te zien. Deze symboliseren de storm,  de tyfoon die nadert.  (Taschen, 1991)

Vorm en lijn

Turner gebruikte in zijn werk expressieve dynamische lijnen om het woelige van de zee weer te geven. Ook in zijn zonsondergang zien we deze expressieve grillige lijnen terugkomen. Er zijn niet erg veel details te bespeuren in het werk omdat het hier vooral gaat om het weergeven van de zonsondergang. De drenkelingen en het slavenschip zijn gedetailleerder uitgewerkt zodat ons oog er toch op zou vallen.

Techniek

Turner maakte gebruik van vluchtige penseelstreken die pasteus op het doek werden gezet om nog meer dynamiek in het werk te krijgen. Verder mengde hij zijn kleuren ook vaak op het canvas zelf voor een natuurlijkere overgang van de kleuren (The Metropolitan Museum Of Art, 2017)

 

Opdracht deel 2: analyse van het kunstwerk

In dit deel wordt ingegaan op het escapisme, een van de grootste kenmerken van de Romantiek. Eerst wordt uitgelegd wat escapisme is en waarom ‘Het Slavenschip’ voldoet aan de kenmerken van escapisme. Daarna zal ingegaan worden op de reden voor het escapisme van de kunstenaar en ten slotte zal ik ook mijn eigen mening geven over deze vorm van escapisme

Escapisme?

Escapisme is een term die voor het eerst gebruikt wordt binnen de romantische kunstperiode van de 19e eeuw.  Met de term wordt letterlijk ‘vluchten van’ bedoeld. Het ‘vluchten van’ slaat op het vluchten van de dagelijkse sleur, de harde realiteit van het dagelijkse leven.

Dit vluchten gebeurd binnen de romantiek veelal naar het verleden, verder is er ook een vlucht naar de fantasie, de natuur, het exotische en het mythologische. Ook de dood, magie, de volksmens en de roes stonden centraal in het escapistische denken van de romantiek. Het gaat vaak over de geniale, de gekwelde kunstenaar die niet thuishoort in deze wereld en wil vluchten naar een andere realiteit. (Marechal, 2005)

Escapisme in ‘Het Slavenschip’

Heel wat elementen van de definitie van escapisme zijn terug te vinden in het werk ‘Het slavenschip’. Zo is het duidelijk dat er naar de natuur gevlucht wordt om een bepaald thema (kritiek op de slavernij) weer te geven. Het eerste wat opvalt is immers niet het lugubere tafereel van slaven die net overboord gegooid zijn of een storm die het schip dreigt te verwoesten maar de mooie zonsondergang. De personages en het schip lijken amper op te vallen en worden bijna opgeslorpt door het grootse en overweldigende van de natuur. De mens is hier dus duidelijk minderwaardig. Ook de dood komt duidelijk terug in het schilderij. De dood wordt gesymboliseerd door de bloedrode hemel en weergegeven door de drenkelingen in het water. Die mooie zonsondergang veranderd dus snel van sfeer eens het schilderij beter bekeken wordt.

Verder is er ook een vlucht naar het verleden. Zoals eerder aangegeven is dit werk van Turner gebaseerd op waargebeurde feiten uit de 18e eeuw terwijl het werk pas geschilderd werd in de 19e eeuw. Er is als laatste ook nog een goede portie fantasie aanwezig omdat de vissen in het werk bijna monsterlijk lijken. De realiteit wordt hier dus weergeven terwijl er ook net gevlucht wordt voor die realiteit. Turner doet dit door het onderwerp niet te gedetailleerd weer te geven maar net de natuurlijke fenomenen zoals een storm en een zonsondergang te laten overheersen. (The Metropolitan Museum Of Art, 2017)

Reden voor Turners escapisme

Turners’ ‘Het Slavenschip’ kan een vorm van kritiek zijn op de slavernij in de wereld. Terwijl hij dus enerzijds vluchtte voor de harde realiteit van de slavernij door de natuur de laten overheersen in zijn werk en het figuratieve naar de achtergrond te brengen, bracht hij ook kritiek op het thema door het te integreren in zijn schilderij.

Turner laat verder ook zien dat de wereld hard en meedogenloos is voor iedereen. Zo is te zien dat het schip dreigt verwoest te worden door een storm, waardoor de slaven als het ware vergelding kunnen krijgen voor wat hen is aangedaan, maar dat eveneens ook de slaven zullen verdrinken in diezelfde storm. De dood staat dus erg centraal. Het lijkt zelfs alsof Turner ons wil meegeven dat het leven nutteloos is, wie je ook bent of wat je ook doet, sterven zal je toch. (The Metropolitan Museum Of Art, 2017)

Eigen mening over escapisme

Ik vind escapisme in de kunst veelal een goede zaak omdat het vaak enkele interessante thema’s naar voren brengt. Aangezien de kunstenaars steeds willen ‘vluchten’ van iets, stellen we ons als publiek de vraag waarvan deze kunstenaars steeds wouden vluchten. Vaak zijn de redenen waarom een kunstenaar wegvlucht in grote lijnen nog steeds dezelfde als de huidige maatschappelijke problemen. Ik denk dus dat escapisme wel iets is waar iedereen zich voor een deel in kan terugvinden en wat dus ook een gemeenschappelijk kenmerk van alle mensen kan zijn. Escapisme kan de drempel verlagen om tot gesprek en discussie te komen tussen verschillende culturen en generaties.

 

Bibliografie

Marechal, D. (2005). De Romantiek in België, tussen werkelijkheid, herinnering en verlangen. België: Uitgeverij Lannoo nv.

Museum of Fine Arts Boston. (2017). Artwork Slave Ship (Slavers Throwing Overboard the Dead and Dying, Typhoon Coming On). Opgehaald van Museum of Fine Arts Boston: http://www.mfa.org/collections/object/slave-ship-slavers-throwing-overboard-the-dead-and-dying-typhoon-coming-on-31102

Taschen. (1991). J.M.W. Turner. In M. Bockemühl. Keulen: Librero.

The Metropolitan Museum Of Art. (2017). Joseph Mallord William Turner (1775–1851). Opgehaald van The MET: http://www.metmuseum.org/toah/hd/trnr/hd_trnr.htm

Foto:

Turner, J. (1840). Het Slavenschip. https://en.wikipedia.org/wiki/The_Slave_Ship.

 

Tussen droom en daad – analyse

Het is 1910, Michel Fokines Sjeherazade wordt voor het eerst vertoond in de danszalen. De dansers voeren de toeschouwers mee naar een exotische wereld, het oude Perzië. Sjeherazade vertelt de aanleiding tot het alom gekende verhaal Duizend-en-één-nacht waarin de gelijknamige concubine Sjeherazade elke avond een verhaal vertelt aan haar sultan om aan de dood te ontsnappen. Fokines Sjeherazade vertelt dus de aanleiding tot deze wreedheid.

Escapisme

Het verhaal* is een mooi voorbeeld van escapisme, wat gekenmerkt wordt door het vluchten uit de werkelijkheid, vluchten in de dood, naar een andere wereld (exotisme, oriëntalisme) … Michel Fokine laat zijn dansers en publiek vluchten naar het verre Perzië met warme kleuren, overdaad aan parels, concubines, slaven en sultans. Het oriëntalisme staat centraal in deze opvoering. Je wordt ondergedompeld in een exotische en (zeker voor het begin twintigste-eeuwse publiek) onbekende wereld. De dansers vertalen het verhaal in elegante harembroeken en gekraalde bovenstukken, tegen een achtergrond van stoffen in verschillende warme kleuren. De sultan en zijn (militair) gevolg tonen dan weer de brute kracht van het Oosten met kromzwaarden en zware gewaden.

Als we verder kijken dan het decor en de kostumering, vinden we in het verhaal niet alleen het oriëntalisme terug, maar ook een vlucht naar de erotiek. Het verhaal kent een eerste hoogtepunt (pun intended) tijdens seksscène waarin Zobeïde en de Gouden Slaaf alle aandacht vragen. Aan de randen van het podium zijn de overige concubines en slaven in erotische omhelzingen verwikkeld die een subtiele, maar helder sensuele boodschap overbrengen.

Een tweede hoogtepunt in het stuk is de vervroegde terugkomst van de sultan die de verhulling van het verraad met zich meebrengt. Deze scène wordt gekenmerkt door een overdaad aan kwaadheid: de sultan ontdekt het overspel en laat alle concubines en slaven doden. Alleen Zobeïde spaart hij, maar zij beneemt zichzelf vervolgens van het leven in de slotscène. Hiermee ontsnapt ze aan de benauwde situatie en haar aardse leven. Ze vlucht in de dood, die haar op dat moment soelaas biedt.

* Een korte samenvatting is te lezen in deel 1 van deze Big Idea (Strybol, 2017).

Fokines vlucht

Fokine leefde aan het eind van de negentiende en in het begin van de twintigste eeuw, een tijd die werd beïnvloed door de uitlopers van de Romantiek. Uiteraard werd ook Fokine hierdoor geïnspireerd. Hij creëerde verschillende choreografieën die gekenmerkt kunnen worden met het escapisme. Waarom hij nu zelf wou vluchten kan ik niet achterhalen. Persoonlijke zaken, maar ook de eerste wereldoorlog kunnen oorzaken zijn tot zijn persoonlijk escapisme. Dans is een kunsttaal die zich door verschillende aspecten goed leent tot escapisme. Dansuitvoeringen maken namelijk niet enkel gebruik van (lichaams)beweging, maar ook van muziek, toneel en decor/kostumering.

Mijn vlucht

Escapisme leent zich – als techniek – goed uit tot zelfexpressie, maar ook als therapie. Een kunstenaar (in alle opzichten) kan zichzelf door middel van escapisme therapeutisch behelpen, maar kan ook voor algemene problemen soelaas bieden aan zijn publiek. Zo voelde ik een soort vrijheid door te kijken naar Fokines Sjeherazade. De dansopvoering voerde me mee naar een oord van plezier en avontuur. Het liet me mijn omgeving vergeten en wakkerde mijn liefde voor het verre Oosten aan. De combinatie van de setting (het decor en de kostumering), het verhaal en de elegantie van de dansers dreven me naar een ongekende vlucht.


Bibliografie

Garafola, L. (2003, oktober). By challenging Russian tradition, this modernist choreographer wrestled ballet into the twentieth century. Opgeroepen op april 21, 2017, van Rediscovering Michel Fokine: http://eds.b.ebscohost.com/eds/detail/detail?sid=275a2b63-238f-4a14-a12d-99ad1f6776e1%40sessionmgr102&vid=0&hid=126&bdata=JnNpdGU9ZWRzLWxpdmU%3d#AN=10876246&db=a9h

Inspired Diversions. (2010, augustus 13). Synopsis: Scheherazade ballet. Opgeroepen op mei 3, 2017, van Inspired Diversions: https://www.inspireddiversions.com/article.php?id_art=128

Mariinskitheater. (2011, oktober 22). Sherezade (Kirov) – Svetlana Zakharova – Farukh Ruzimatov (2002).avi. Opgeroepen op mei 3, 2017, van YouTube: https://www.youtube.com/watch?v=CpE_pCHVBR4

Sennett, R. (2000, september 18). Fokine marvellous. Opgeroepen op april 21, 2017, van The Russian choreographer Michel Fokine revolutionised the art of dancing, and then he was eclipsed by Nijinsky. Richard Sennett tells his glorious and sad story: http://eds.b.ebscohost.com/eds/detail/detail?sid=5b80a51c-16d4-41a4-9d95-f1efb5950b59%40sessionmgr101&vid=0&hid=126&bdata=JnNpdGU9ZWRzLWxpdmU%3d#AN=3590400&db=a9h

Strybol, L. (2017, mei 17). Tussen droom en daad – beschrijving. Opgeroepen op mei 17, 2017, van WordPress: https://pkvsschijf01.wordpress.com/2017/05/17/tussen-droom-en-daad-beschrijving/?iframe=true&theme_preview=true

Tussen droom en daad – beschrijving

Michel Fokine – Sjeherazade

Michel Fokine was een van de grootste culturele figuren van de twintigste eeuw. Als radicale choreograaf van de Ballets Russes bracht hij revolutionaire verandering in de danswereld. Hij bedacht enkele van de meest bekende dansstukken in de geschiedenis. Michel Fokine, de vader van het moderne ballet.

Michel Fokine: leven en werk

Michel Fokine, een Rus geboren in 1880 te Sint-Peterburg, wordt ook wel de vader van het moderne ballet genoemd. Zijn dansstudies ving hij aan in de Keizerlijke Theater School, te Sint-Petersburg. In 1898 ging hij naar het Mariinskitheater, waar hij vaak samenwerkte met de talentvolle Anna Pavlova.

De choreografe Isadora Duncan veranderde in 1904 Fokines visie over dansen drastisch. Later schrijft Fokine dat de eenvoud in Duncans opvoeringen de overdaad van het klassieke ballet overstijgt. Deze eerste opvoeringen van Duncan zorgden ervoor dat Fokine ook begon te choreograferen, hij schaafde het klassieke ballet bij en liet stijve regels vallen.

Met Pavlova als muze choreografeerde hij Les Sylphides en De Stervende Zwaan. In 1909 werkte hij samen met Serge Diaghilev, van waaruit de Ballets Russes ontstonden: zij voerden Fokines “nieuwe” ballet op in het Westen. In de jaren die volgden bedacht Fokine veel choreografieën en introduceerde de man op het danspodium. Hij schiep exotische dansen als Cleopatra, Thamar en Sjeherazade. Ook romantische choreografieën als Carnaval en De Geest van de Roos produceerde hij tijdens deze vruchtbare jaren. (Garafola, 2003)

De vader van het moderne ballet

Fokine wordt niet voor niets de vader van het moderne ballet genoemd. Toen de negentiende-eeuwse choreografen dansstukken opstelden die voornamelijk rond de benen draaiden, zette Fokine het volledige lichaam in tijdens zijn opvoeringen. Fokine leefde in een tijdperk waarin de choreograaf, de decorontwerper, de kleder en de componist elk afzonderlijk werkten aan een dans. Michel Fokine maakte hier verandering in en streefde naar een krachtige samenwerking tussen deze aspecten (Sennett, 2000).

Fokine stelde vijf regels op voor het “nieuwe” ballet:

  1. Geen combinaties maken van reeds bestaande dansstappen, maar steeds een nieuwe bewegingsstijl creëren die afgestemd wordt op het verhaal.
  2. Alle beweging en mimiek moet een expressie zijn van een dramatische actie, niet enkel als zinloos vermaak.
  3. De dansers moeten met het volledige lichaam dansen, handgebaren als gebarenspel dienen enkel ingezet te worden als de stijl van het ballet dat vereist.
  4. Groepsdansen mogen niet enkel decoratief ingezet worden, maar zijn even expressief als de solodansen. Alle dansen dragen bij tot het verhaal.
  5. Alle kunsttalen zijn even belangrijk, de dans in het nieuwe ballet is niet meer onderhevig aan de muziek of het toneelontwerp. Nieuw ballet eist geen “balletmuziek” meer, maar aanvaardt alle soorten muziek die goed en expressief zijn. Ook de kostumering krijgt de vrijheid om de korte rokjes en roze slippers aan de kant te schuiven.

(Fokine Estate Archive)

De Sjeherazade

In 1910 werd Fokines Sjeherazade voor het eerst opgevoerd door de Ballets Russes in de opera van Parijs. Fokines Sjeherazade is de proloog op het alom bekende verhaal Duidend-en-één-nacht waarin Sjeherazade het hoofdpersonage speelt. De opvoering vertelt het verraad aan de Shahriyar, de Perzische sultan, door zijn eigen concubines en slaven. Zoals alle sultans heeft ook de Shahriyar een harem, waarin Zobeïde zijn lieveling is. De broer van de sultan beweert echter dat Zobeïde ontrouw is en verzint een plan om haar te ontmaskeren: ze doen alsof ze op stap gaan, maar zullen vroeger dan verwacht terugkeren. Zo gezegd, zo gedaan, de sultan vertrekt op stap met zijn gevolg, zijn harem achterlatende. Zodra de sultan weg is, kopen de concubines de eunuch om en bevrijden zo de mannelijke slaven. Hierop volgt een orgie, waarbij Zobeïde kiest voor de Gouden Slaaf. Aan dit seksuele sprookje komt een einde wanneer de sultan vervroegd thuiskomt. In razernij laat hij iedereen ombrengen, behalve Zobeïde. Zij smeekt om vergiffenis, maar kent uiteindelijk geen andere uitweg dan een eigen dolk in haar hart te planten (Inspired Diversions, 2010).

De aspecten van de dans

Het verhaal speelt zich af in het Oude Perzië, wat zeer visueel wordt benadrukt door het decor en de kostumering. Warme kleuren, enorme doeken en veel, heel veel kralen versieren het podium en de dansers. De belichting is simpel: een algemeen licht heerst, zodat je het podium goed kan zien en de belangrijkste personages worden gevolgd door een spotlight.

Zoals eerder vermeld, brak Fokine met het strakke negentiende-eeuwse ballet door het volledige lichaam in te zetten. De bewegingen van de dansers situeren zich voornamelijk op de middenlaag, waarbij armbewegingen zeer belangrijk zijn. Tijdens het orgie echter, bevindt de choreografie zich voornamelijk ter hoogte van de diepe laag. Elk personage heeft een eigen dynamiek en tempo. Zo bewegen de concubines zeer frivool en sierlijk, en maken ze mooie danspatronen, zij dansen met een lager spanningsniveau in hun bewegingen. De sultan daarentegen maakt zeer strakke en krachtige bewegingen die zijn macht weerspiegelen, zijn bewegingen hebben een hoger spanningsniveau. Zobeïde maakt rustige en elegante bewegingen, die tijdens de seksscène onbedwingbaarder en vooral meer begeesterd worden. Zobeïdes bewegingen wisselen tussen een laag en een hoog spanningsniveau af naar gelang het verhaal. De choreografie is in het algemeen zeer expressief met veel korte en snelle passen.

De muziek werd niet speciaal voor de opvoering geschreven, er werden delen gekozen uit Sjeherazade (1888) van Nikolaj Rimski-Korsakov. De bewegingen zijn dus afhankelijk van de muziek en zo ook de personages: elk personage heeft een eigen klank/melodie. Net als de danspassen heeft de muziek een snel tempo dat het gevaar in het verhaal vertelt.


Bibliografie

Fokine Estate Archive. (sd). Fokine’s Revolution. Opgeroepen op mei 17, 2017, van Michel Fokine – Fokine Estate Archive: http://www.michelfokine.com/id63.html

Garafola, L. (2003, oktober). By challenging Russian tradition, this modernist choreographer wrestled ballet into the twentieth century. Opgeroepen op april 21, 2017, van Rediscovering Michel Fokine: http://eds.b.ebscohost.com/eds/detail/detail?sid=275a2b63-238f-4a14-a12d-99ad1f6776e1%40sessionmgr102&vid=0&hid=126&bdata=JnNpdGU9ZWRzLWxpdmU%3d#AN=10876246&db=a9h

Inspired Diversions. (2010, augustus 13). Synopsis: Scheherazade ballet. Opgeroepen op mei 3, 2017, van Inspired Diversions: https://www.inspireddiversions.com/article.php?id_art=128

Mariinskitheater. (2011, oktober 22). Sherezade (Kirov) – Svetlana Zakharova – Farukh Ruzimatov (2002).avi. Opgeroepen op mei 3, 2017, van YouTube: https://www.youtube.com/watch?v=CpE_pCHVBR4

Sennett, R. (2000, september 18). Fokine marvellous. Opgeroepen op april 21, 2017, van The Russian choreographer Michel Fokine revolutionised the art of dancing, and then he was eclipsed by Nijinsky. Richard Sennett tells his glorious and sad story: http://eds.b.ebscohost.com/eds/detail/detail?sid=5b80a51c-16d4-41a4-9d95-f1efb5950b59%40sessionmgr101&vid=0&hid=126&bdata=JnNpdGU9ZWRzLWxpdmU%3d#AN=3590400&db=a9h